Alles
Ik viel uiteen in miljarden brokken, atomen, cellen en stopcontacten.
Alles was ik, alles ben ik, ik ben het al.
Zo viel ik naar beneden, naar boven, slingerde ik weg, en raakte
geen grenzen, geen einde, geen eindigheid.
Ik scheerde langs boomtoppen, vleide mij tegen de bergen aan,
liet zeeën en oceanen tegen het land aan klotsen,
balde alle leven samen, kleide nieuwe vormen, maakte
alle verhalen tot mythen, leerde alles te geloven,
gaf richting en bestemming aan dat wat geen bestemming heeft.
Ik cirkelde lagen aarde tot plioceen, mioceen en eoceen, en
gaf de geologische schaal de namen om te onthouden, gaf
geschiedenis aan alles om mij heen. Mijmerstenen, bergkammen,
begraafplaatsen, doorwaadwaters, passages en gestolde herinneringen.
Alles was er al en alles zal er zijn, ik ben het al.
Ik gaf kleur aan dat wat kleur nodig had, in de beschutting, in de pracht
en praal van de toenadering, van voortgang, van generaties,
gaf de morgen de glans en de avond de rust en zekerheid
zodat de nacht niet een einde is, maar een ander begin.
Ik gaf verstrengeling, niets alleen en zonder meer, microben, bacteriën,
het minuscule groots gevierd, verbonden, mycelium als sporen,
linten ondergronds, de stille getuigen van groei en vertrouwen,
een vereende kracht van steeds maar weer dat samen.
Zo viel ik op een grond, kwam tot bloei en ontsproot talloze
malen, om dat te herhalen, in die voortdurende cirkel.
Gaf licht en lucht, jagende wolken en striemend geweld van
regen, een waterval, de voeding voor ontstaan en nageslacht.
Gaf verhouding aan al het leven in precies afgepaste structuur,
kwetsbaar, maar taai en strijdbaar als een mierenhoop.
Ik viel uiteen, maar delen vonden elkaar hier
in een diep verlangen naar harmonie.
Alles was er, in alles is het begin.
En in alles wat leeft ligt mijn ontstaan, mijn vermogen, mijn
gebaar van liefde, ja liefde - die alpha en omega.
Ik ben het begin zonder einde.
© Ron van Es, 2025
In de aanloop naar het lezen van het boek 'Wij zijn sterrenstof' van Margot Brouwer, en zeker na lezing, gaf het mij de inspiratie om het gedicht ‘Alles’ te schrijven. Ik liet haar per mail het gedicht lezen. Zij schreef terug:
'Ik heb echt genoten van je gedicht. Het drukt precies uit wat ik in mijn boek probeer te zeggen, maar dan in zoveel minder woorden. Ik voel me dankbaar dat ik zoveel moois heb mogen en mag inspireren.'